Voeding van de Chow Chow
VoedingEr zijn diverse manieren om een hond goed te voeden. De ene eigenaar zweert bij het zelf klaar maken van de maaltijd, met rauw of gekookt vlees, rijst of brood en groenten, de andere geeft voer dat uit de fabriek komt: ‘nat’ uit blik of pak, of droog in de vorm van brokken. Wat het beste is, is aan de eigenaar. Wie zelf het voer bereidt moet er op letten dat de hond alles wat hij nodig heeft in voldoende mate en in de juiste verhouding binnen krijgt. De kopers van commercieel voer hebben, zolang ze de juiste hoeveelheid geven, daarnaar geen omkijken. Aanbevolen De keus in kant en klaar voer is overweldigend. Als pupkoper is het moeilijk daarin de weg te vinden. Het is verstandig om zeker in het begin voor de pup het advies van de fokker te volgen. Die heeft met de aanbevolen wijze van voeren goede ervaring. Bovendien is de pup in de eerste tijd al aan zoveel stress onderhevig dat het beter is niet ook de stofwisseling extra te belasten met verandering. Het huidige aanbod omvat voer voor jonge en oude honden, actieve en rustige, en voor honden die extra behoefte hebben aan bepaalde componenten of andere juist niet verdragen. Een merk verkoopt zelfs voer toegesneden op bepaalde rassen. De puppybrok wordt wel aangeboden in varianten voor grote en kleine rassen. Om daarin juiste keus te maken is het goed te weten dat de Chow als volwassen hond minimaal 25 kilo weegt. De hond is het snelst groeiende zoogdier en juist in de opgroeifase is het belangrijk zorg te besteden aan goede voeding: in enkele maanden bouwt de hond het fundament op waarmee hij het zijn verdere leven moet doen. Het is een verstandig en rustgevend principe om ongewijzigd te laten wat bevalt. Doet de hond het goed op een bepaald voer van een bepaald merk, dan kun je dat het beste, zolang het past bij de levensfase, zo houden. Naast onderscheid in samenstelling is er ook veel verschil in prijs. Dat verschil is voor een deel terug te voeren op de kosten van de samenstellende componenten: betere kwaliteit is vaak duurder. Beknibbelen op voeding, vooral in het eerste jaar, kan misplaatste zuinigheid zijn, omdat de besparing mogelijk alsnog, en in veelvoud, bij de dierenarts moet worden besteed. |
Hond behoeft geen vermaak rond voerbakMensen hebben behoefte aan afwisseling, niet alleen om de juiste voedingsstoffen binnen te krijgen maar ook om plezier aan de maaltijd te beleven. Honden hebben geen behoefte aan vermaak rond de voerbak. Als de maaltijd de juiste samenstelling heeft, dan kan hij er elke dag hetzelfde uit zien, dat maakt de hond niets uit. Zelf zult u de kwaliteit van voer wellicht beoordelen op uiterlijk en geur, maar voor de hond is dat dus niet belangrijk. Graadmeter voor de kwaliteit van een voer voor uw hond is het resultaat in de praktijk. Hoe ‘doet’ hij het er op: eet hij graag, is hij goed gehumeurd, ziet de vacht er gezond uit, is hij niet te dik of te dun, heeft hij regelmatig en vaste ontlasting. |